Nederland

Mens & Dier in Steen & Brons

Zoek op deze site:
Teteringen
gem. Breda (Noord-Brabant)

Willem-Alexanderplein

Kijkzuil

Ton Buijnsters
1995

Teteringen -  Kijkzuil   Teteringen -  Kijkzuil

Beschrijving

In de sokkel zijn twee metalen plaquettes aangebracht met de tekst:

"KIJKZUIL"
alle wezenlijke elementen van heden
verleden en toekomst van de teteringse
samenleving zijn op deze zuil samen-
gebracht
de "kijkzuil" werd onthuld op 9 sept. 1995
bij gelegenheid van het 200-jarig bestaan
van teteringen als zelfstandige gemeente.

en

TETERINGEN
ontstaan aan het taterende water,
gegroeid door koesterende hand,
zijt gij een woonplaats van allure,
juweel op grens van klei en zand

Op de zuil zelf staan de jaartallen 1795-1995, enkele andere jaartalen en drie namen van belangrijke Teteringers:

"pieter van ginneken" (van 1810 tot 1832 maire en burgemeester van Teteringen)

"elisabeth van schoten" en "arnold van leuven" (Heer en Vrouwe van Breda, door wiens gift in 1280 Teteringen volgens het gangbare geschiedenisverhaal zijn oorsprong te danken heeft).

Kunstenaar

Opmerkingen

De "Kijkzuil" is onthuld bij gelegenheid van het 200-jarig bestaan van de zelfstandige gemeente Teteringen in 1995. In deze zuil zijn alle elementen uit de Teteringse samenleving tot uitdrukking gebracht.

Beschrijving van de zuil (uit BN De Stem, 10 maart 2009):

De [...] beeldhouwer [...] bracht herinneringen aan goede en minder prettige gebeurtenissen treffend in beeld.

Om met de pijnlijkste te beginnen: de annexaties. In 1927 verloor Teteringen 6.794 inwoners en 380 hectaren grond aan Breda. Het ging om de Zandberg, Baronielaan, Lovensdijk, Belcrum en een deel van de Teteringsedijk. De annexatie van 1942 kostte 1.500 inwoners en 350 hectaren uit de Driesprong en de Terheijdense Hoek. Tot slot ging in 1961 een onbewoond gebied van 117 hectaren in de Vuchtpolder naar Breda. Uit de zuil zijn 'happen' genomen, waarin deze jaartallen zijn aangebracht. Een scheur boven in het monument duidt op het definitieve einde van de gemeente Teteringen, dat op 1 januari 1997 zijn beslag zou krijgen.

Natuurlijk ontbreekt het gemeentewapen niet. Schuin afgebeeld symboliseert het de wankelende gemeente, die gedoemd is te verdwijnen. De gemeentevlag, die in 1978 officieel werd vastgesteld, bevindt zich achter het wapen. Vlag en wapen zijn omlijst door het silhouet van het dorp, waarbij de opdoemende flats vanuit Breda-Noord in sobere lijnen zijn aangegeven.

Afbeeldingen van de Willibrorduskerk en het Missiehuis verwijzen naar het overwegend katholieke karakter van het dorp.

Een legertent en een kanon refereren aan het militaire leven. Van oudsher vervulde het Cadettenkamp een functie als oefenterrein voor studenten van de Bredase KMA. Het landgoed Oosterheide, op de grens met Oosterhout, was in de achttiende eeuw al oefengebied voor het leger van de Republiek der Zeven Provinciën.

Folklore en cultuur stonden altijd hoog in het vaandel. Het Sint Ambrosiusgilde (1717) is de oudste vereniging. De mengvorm van een bijenhouders- en een schuttersgilde verklaart de afbeeldingen van een bijenkorf en een Ambrosiuswapen op de zuil. De imkerij speelde een belangrijke rol, want tot aan de komst van de suikerbiet was honing vrijwel het enige, betaalbare zoetmiddel.

Andere facetten van het sociaal- cultureel leven komen terug in de vorm van een web.

Dat slaat niet alleen op de naam van het dorpshuis, maar legt ook een verbinding tussen de sociale en culturele activiteiten, zoals theater, dans, muziek en sport.

Natuurlijk mogen ook het landschappelijk en agrarisch leven niet onvermeld blijven. Teteringen kende veel veeboeren, want de aanwezigheid van beemden en weiden zorgde voor gezonde koeien. De heide vormde het voedsel voor schapen, maar werd ook benut voor turfwinning. Op het kunstwerk staan een koe en een schaap model voor deze bronnen van inkomsten.

Aan de bovenkant van het monument is het dak van een Vlaamse schuur te zien. Ook de standerdmolen, die in 1919 werd afgebroken, kreeg een plaatsje.

De weidse Vuchtpolder was altijd een uniek natuurgebied met een gevarieerde flora en fauna. Op de zuil zijn elementen uit dit fraaie polderlandschap terug te vinden, zoals de koekoeksbloem, de grote pimpernel, de uil, de grutto en de kievit.

De eerste vermelding van Teteringen dateert uit 1303. In de late middeleeuwen zou de 'waterlaet van Tateringhen' een vrij belangrijke waterloop zijn geweest. Het via zogenoemde 'spuwers' in de zuil komende water symboliseert dat 'tateren', ofwel klateren.

De tekst op de sokkel, geschreven door Arnold van den Berg, verwijst naar het ontstaan van Teteringen.

Reacties

Reageer op dit beeld

Bronnen en verdere informatie

Aanklikbare trefwoorden:

Locatie (N.B. 51°36'37" - O.L. 4°49'1")

Objectcode: NB13ea; Opgenomen: 2 mei 2009
Van elk standbeeld hebben wij uit diverse hoeken foto's gemaakt en bovendien detailfoto's van de diverse teksten.
Als je deze foto's wilt zien of een of meer foto's wilt gebruiken, neem dan contact met ons op via het contactformulier met vermelding van de objectcode.
© Website en Foto's: René & Peter van der Krogt